We zijn het gewend: fruit en groenten moeten er perfect uitzien. Glad, glanzend, zonder een vlekje of blutsje. In de supermarkt liggen ze keurig gesorteerd, allemaal even groot, allemaal even mooi. Maar die obsessie met uiterlijk heeft ons iets geleerd wat eigenlijk niet klopt, namelijk dat een vrucht met een klein plekje een mindere vrucht is. Dat is lang niet altijd waar.
Niet elke vlek is een probleem
Er is een verschil tussen een vlek door beschadiging, ziekte of slechte bewaring enerzijds, en een kleine ruwe of licht verkurkte plek die al aanwezig was van bij het begin van de vruchtvorming anderzijds. Die tweede categorie verdient veel meer krediet, want ze kan het spoor zijn van een bij of hommel die zijn werk deed.
Bestuiving is de sleutelstap in de ontwikkeling van elke vrucht. Zonder bestuiving geen vrucht, of toch een die misvormd, hol of smakeloos uitgroeit. En voor de bestuiving zijn we grotendeels afhankelijk van insecten: bijen, hommels, zweefvliegen.
Hoe ontstaan bestuivingsplekjes?
Bij gewassen als tomaat en aubergine doen hommels aan iets dat buzz pollination heet, sonische bestuiving. De hommel klemt zich vast aan de bloem en laat zijn vliegspieren trillen met hoge frequentie, waardoor stuifmeel letterlijk losschudt. Die intense, trillende aanraking kan een licht spoor achterlaten op de jonge vrucht die net achter de bloem zit te wachten.
Bij andere gewassen, vb. courgette, komkommer, pompoen, bezoeken bijen de mannelijke en vrouwelijke bloemen afwisselend. Als een bij heel actief is, kan ze in haar enthousiasme licht contact maken met de jonge vrucht. Het resultaat: een klein, ruw of licht verkurkt plekje op de schil.
Wat betekent dat plekje? Het is een contactafdruk van een intensieve bestuiving. Meer bezoeken van bestuivers leidt doorgaans tot betere zaadzetting en een beter gevormde, vollere vrucht.

Een plant die aantrekkelijk was voor bestuivers
Er is nog een reden waarom zo’n plekje goed nieuws is. Bijen en hommels kiezen hun bloemen niet willekeurig. Ze gaan af op geur, kleur, en de hoeveelheid nectar en stuifmeel. Een plant die veel insecten aantrekt, is doorgaans een gezonde, goed gevoede plant. Dat zegt iets over de teeltomstandigheden, de bodemkwaliteit en de manier waarop de teler zijn gewas heeft verzorgd.
Een plekje dat het gevolg is van bestuivingsactiviteit is dus indirect ook een teken van een plant die het goed deed en van een teelt zonder overdadig pesticidegebruik, want pesticiden houden bestuivers weg.
Wat is dan wél een teken van mindere kwaliteit?

Het is eerlijk om het onderscheid te maken. Plekken door drukschade, zachte plekken door bewaarfouten, schimmel of diepe verkleuring zijn wel degelijk tekenen om rekening mee te houden. Vind je zo’n vrucht bij ons in de rekken? Geef onze winkelmedewerkers dan gerust een seintje zodat we deze boosdoener kunnen verwijderen.
Een bestuivingsplek voelt doorgaans droog en licht ruw aan, zonder dat de schil beschadigd of ingedrukt is. Ze bevindt zich vaak aan de bloemkant van de vrucht en is stabiel, ze verandert niet en breidt zich niet uit. Die groenten en fruit zijn dus meer dan ok om in je winkelmandje te stoppen.
Een vrucht met een klein ruw plekje is geen minderwaardige vrucht. Integendeel, het kan het stille bewijs zijn dat een hommel of bij er enthousiast mee aan de slag is gegaan. Kortom, de natuur heeft gewoon haar werk gedaan.
-
Elke week krijgen we bij OHNE een nieuwbrief van bioboerderij de Koolmees. Boer Jens schrijft daarin vaak korte inspirerende stukjes over landbouw. Een hele tijd geleden had hij het over de 'polinator spots' bij groenten en fruit. Hij zorgde op die manier voor de inspiratie voor dit artikel.




